QUANTIFIED SELF

LONG READ: ZORGT DE QUANTIFIED SELF BEWEGING ERVOOR DAT SUCCES STRAKS ECHT EEN KEUZE IS? EN WAAROM DAT MISSCHIEN WEL NIET ZO FANTASTISCH IS ALS HET KLINKT!

In deze long read gaan we op zoek naar antwoorden op bovenstaande vragen. Dat doen we door in ieder geval de volgende vragen te stellen en te proberen te beantwoorden

  • Wat is dat, Quantified Self?
  • Wat zijn de voordelen en nadelen?
  • En wordt succes dan echt een keuze?
  • Is dat niet eng? Data die ons kent?

Na deze long read weet je in ieder geval:

  • Of succes echt een keuze wordt;
  • Wat je hond denkt en voelt;
  • Waarom Personal Data Coach en Datasexual termen van de toekomst zijn.

INLEIDING

Het is een bekende slogan: Succes is een keuze! Als je maar je best doet of je houdt aan één of ander stappenplan. Of de juiste zelfhulpboeken koopt, dan word je vanzelf succesvol. Nou zijn er natuurlijk best wel wat problemen met deze slogan. Bijvoosuccesiseenkeuzerbeeld, wat is dat eigenlijk succes? Of: betekent dit ook dat als je géén succes hebt, dat je daarvoor hebt gekozen? Is loser zijn dan ook een keuze? Waarschijnlijk niet, want er is ook nog zoiets als geluk en toeval, en het (nood)lot en allerlei omstandigheden en ga zo maar door. Het heeft er alle schijn van dat je er wel voor kan kiezen om ‘succes’ na te jagen, maar dat dat geen garantie is voor succes. Zoals Baz Luhrman als zei: Het leven bestaat voor de helft uit toeval. Of om met John Lennon te spreken, het leven is wat je overkomt, terwijl je druk bezig bent om andere plannen te maken.

Maar verandert dat met de opkomst van de Quantified Self? Als je meer kunt meten aan jezelf en meer inzicht krijgt in ‘jezelf’, kun je dan ook betere keuzes maken? Kun je het lot tarten en écht kiezen voor succes? Worden losers dan werkelijk losers? En wat betekent dat allemaal? We gaan op zoek naar een antwoord op deze vragen!

Wat is dat, Quantified Self?

Het is al heel lang mogelijk om jezelf te kwantificeren. Om jezelf uit te drukken in cijfers. Denk aan je leeftijd, je gewicht, je salaris, het aantal kinderen dat je hebt, je banksaldo, het aantal punten op je airmilespas, het aantal jaren in dienst, aantal jaren getrouwd en ga zo maar door. Je bent eigenlijk al best goed te kwantificeren. Quantified Self, een term bedacht door Kevin Kelly en Gary Wolff (Gekwantificeerde Zelf) borduurt daar enthousiast op voort. Het is een beweging is die technologie gebruikt om dingen aan jezelf te meten om daardoor meer inzicht te krijgen. Deze beweging is nu nog relatief klein, maar vergis u niet, Quantified Self en de bijbehorende apparaten die van alles meten, zijn een miljardenindustrie aangedreven door bedrijven als Apple en Google. Het meten wordt dan ook steeds eenvoudiger omdat de technologie steeds beter (goedkoper) beschikbaar is. Enkele voorbeelden:

Wearables -> Dit zijn draagbare apparaten die iets over je bijhouden. Bijvoorbeeld, het aantal stappen dat je zet. Meer en meer mensen kennen en dragen de Apple Watch, Jawbone of de Fitbit. Nu houden deze apparaatjes meestal zaken bij als beweging, hartslag(variatie), slaap, temperatuur en huidweerstand. Maar dat verandert snel. Ten eerste worden de wearables kleiner, onzichtbaar en onderdeel van je kleding of trouwring. Als tweede gaan ze beter en meer meten. Als je nu een stappenteller hebt, dan weet je ongeveer hoeveel stappen je hebt gelopen. Straks meet je dat preciezer en ook je stressniveau’s, je bloedwaarden, je suikergehalte, cholesterol, etc… Google experimenteert al met lensen die dat soort dingen meten in je oogvocht.

Tracker Apps -> Er zijn allerlei apps die je kunt gebruiken om zaken over jezelf bij te houden. Bijvoorbeeld hoeveel je eet, hoeveel je omgaat met je vrienden, hoeveel je in de auto zit en ga zo maar door. Je hebt Apps waarin je kunt bijhouden hoeveel en welke boeken je leest, films je kijkt, etc… (life logging). En natuurlijk de bekende sport apps voor hardlopen en fietsen. Helemaal meta – apps zijn natuurlijk de apps die weer bijhouden hoeveel tijd je doorbrengt op je mobiele telefoon.

Andere Applicaties -> Je gebruikt waarschijnlijk een hoop applicaties voor heel andere doeleinden dan jezelf te kwantificeren, maar als je weet hoe je die applicatie gebruikt, weet je ook veel over jezelf. Hoe vaak zit je op Netflix? En hoe vaak luister je naar Spotify? Wat is je surfgedrag? En, helemaal interessant, hoe gebruik je je mail? Er zijn tools die kunnen bijhouden hoe vaak je je mailbox checkt (ben je mailbox – driven?), hoe veel je vergadert en of je tijdens de vergadering je e-mail zit te checken (foei!). Allemaal relevant. Denk aan de onderzoeken die wijzen op een relatie tussen het compulsief checken van je mail en een depressie. En dan nog je telefoon. Hoe vaak check je je telefoon (vaak!) en hoe lang zit je vastgelijmd aan je scherm (lang!).

Tools -> Er zijn genoeg goede tools te vinden die informatie over je verzamelen. Denk aan een slimme weegschaal (tegenwoordig worden ze liever aangesproken als Body Analyzer, ook weegschalen hebben kapsones) of een sleeptracker. Maar denk ook aan de steeds goedkoper wordende DNA – analyse of de apparaten die de kwaliteit van de lucht meten.

pyramidEr zijn vrijwel geen grenzen aan wat er allemaal te meten is. Sensoren worden goedkoper, duiken overal op en worden beter. Meer en meer data wordt geproduceerd. De echte uitdaging is natuurlijk om die data om te zetten in informatie en die informatie in kennis en die kennis weer in wijsheid. Alhoewel, ik heb ook al gelezen dat de klassieke pyramide links eigenlijk niet meer relevant is. Immers, er is zoveel data, zet dat nog maar eens om naar informatie. Dat kunnen alleen algoritmes nog.

Op dit moment is de Gekwantificeerde Zelf nog vooral voor de nerds. Het is lang niet altijd makkelijk om de data uit de tools te halen en het is al helemaal niet makkelijk om deze data om te zetten in informatie, kennis en wijsheid. Spoor de verbanden maar eens op. Succes! Natuurlijk zijn er mensen die de relatie leggen tussen hun menstruatie en de kleur van hun web-aankopen of hun Tindergedrag, maar ze zijn nog zeldzaam. In de toekomst zal de techniek echter steeds beter worden en naar de achtergrond verdwijnen. Er komen standaarden én wellicht ontstaat een nieuw beroep. De Personal Data Coach. Iemand (of op termijn een algoritme) die meekijkt naar jouw data en je voorziet van adviezen (later meer over dit hippe, nieuwe beroep!).

Het achterliggende idee van de Quantified Self is natuurlijk niet alleen dat je inzicht krijgt in jezelf, maar ook dat je daar iets mee doet. Dat je jezelf verbetert. Upgrade jezelf, zoals Peter Joosten van Project Leven stelt. Peter is een bio-hacker, iemand die meet, wijzigt en de impact van de wijziging onderzoekt. Dat gaat van het beïnvloeden van je eten, tot het stimuleren van je hersengolven, tot het aanpassen van je DNA of het implanteren van technologie.

Misschien zeg je nu. Klinkt goed. Iedereen krijgt inzicht in zichzelf, iedereen kan zich verbeteren. Straks wordt iedereen gelukkig én 1000 jaar oud. Of niet?

Wat zijn de voordelen en nadelen?

Een eerste – en belangrijk – vraagstuk rondom de Quantified Self is privacy. Heel veel Apps, wearables en tools die je nodig hebt om te meten nemen het vandaag de dag niet zo nauw met de privacy. Bijvoorbeeld, je koopt een FitBit. Dat is een polsbandje dat bij houdt hoeveel je slaapt, en beweegt en wat je hartslag is. Die informatie is hartstikke privé, want die gaat over jou. Toch kun je de FitBit alleen activeren als je eerst toestaat dat jouw data wordt gedeeld met het (Amerikaanse) bedrijf. Dat doet ze conform regels maar er zijn veel zorgen en loopholes. Lees bijvoorbeeld het rapport, Every Step You Fake. Zeker als consument, valt het niet mee om precies uit te zoeken wat er met de data gebeurt van een apparaatje dat jouw persoonlijke gegevens meet.

Denk daar eens even over na. Wie meet nou eigenlijk wie? Terwijl jij denkt dat je jezelf meet word jij tegelijkertijd door iemand anders gemeten. Terwijl jij je slaapgedrag meet en experimenteert met verbeteringen, meet iemand anders ook jou. Net als de witte muizen in The Hithchhikers Guide through the Galaxy die experimenten uitvoeren op mensen. We zouden daarom serieus werk moeten maken van apps, tools en wearables waarbij wij zelf 100% eigenaar zijn van onze data. Dan maar iets meer betalen. Alhoewel, dat zou betekenen dat we moeten betalen voor ons recht op privacy. Absurd, toch?

Een tweede gevaar is natuurlijk dat onze bazen en onze docenten ook toegang willen tot jouw data. Recentelijk verbood de Autoriteit Persoonsgegevens nog de verwerking van gezondheidsgegevens van medewerkers door werkgevers, maar er is veel meer data. Je werkgever houdt nu (tijd voor een ouderwets woord: prikklok) ook vaak bij hoeveel je werkt. Waarom zou hij niet bijhouden hoeveel je mailt, ledig surft, thuis werkt, vergadert en ga zo maar door? En voor studenten geldt hetzelfde. Nu wordt steeds vaker bijgehouden hoe een student zich gedraagt in de e-learning omgeving (inloggedrag, wat heb je bekeken, wat heb je wanneer ingeleverd?). We noemen dat Learning Analytics. Maar je kunt natuurlijk ook bijhouden hoeveel tijd iemand doorbrengt op campus. En wat hij daar doet. Zie ook de Quantified Student. Het gevaar is dat het dan niet gaat om de Quantified Self, maar dat iemand anders jou kwantificeert. Noem het de Quantified You! Of Big Data. Quantified Self zou dan ook moeten gaan om Big Mother (je krijgt jouw data, die je zelf kunt interpreteren en die leidt tot suggesties voor verbetering) en niet Big Brother (iemand kijkt naar jouw data en trekt zijn conclusies).

scootmobielEn hoe zit het met solidariteit? Als de opkomst van de Quantified Self leidt tot de Quantified You dan biedt dat de mogelijkheid om conclusies te verbinden aan die data. Als jij bijvoorbeeld jouw data deelt met je zorgverzekeraar (en je leeft gezond) dan krijg je een korting. Veel Nederlanders staan daar voor open. Hetzelfde principe geldt voor je rijgedrag. Het klinkt rechtvaardig. Waarom moet jij, kerngezond levende jonge man, betalen voor iemand die gezondheid aan zijn laars lapt? Maar er zijn drie problemen met dit soort verzekeringen gebaseerd op (big) data van de Gekwantificeerde Zelf. Rob Wijnberg zet ze in zijn artikel keurig op een rijtje:

De oneindige complexiteit van de werkelijkheid. Gezondheid of veilig rijgedrag is veel complexer dan gepresenteerd wordt in de data. Dat betekent dat de verzamelde data niet alleen een slechte indicator zijn, maar ook leiden tot de onverzadigbare behoefte aan meer data. Yevgeni Morozov ruimt in zijn boek To Save Everything Click Here 50 pagina’s in voor de Quantified Self. De kern van zijn betoog is dat de data leidt tot een versimpeling. Ben je te dik, dan moet je meer lopen en minder eten. Een oplossing die voorbij gaat aan miljoenen andere gezondsheids-, economische en culturele factoren die bijdragen aan obesitas.

Middelmaat wordt de norm. Het nadeel van Big Data is dat ze altijd leidt tot een middelmaat. In plaats van gebruik te maken van het unieke van de Quantified Self (het gaat om jou, de unieke jou!) gebeurt het tegenovergestelde.

De solidariteit staat onder druk. Het systeem van de verzekeraar is er op gebaseerd dat de gezonde jongere betaalt voor de minder gezonde oudere. Hoe blijft dat systeem werken als de premie gekoppeld wordt aan Quantified Self Data? En wat betekent dat voor mensen die géén risicomijdend gedrag vertonen? Voor vernieuwers, avonturiers, ondernemers die 18 uur per dag werken, etc… Wordt saaiheid dan beloond?

Tegelijkertijd kan de Quantified Self beweging ook een aanjager zijn van solidariteit. Deze beweging wordt ook wel de Quantified Us genoemd. Het idee is dat groepen mensen hun Quantified Self data delen en (automatisch) van elkaar leren. Stel dat jij diabetes hebt, of epileptie of slecht slaapt en je deelt jouw data met anderen. Dat stelt je in staat om (samen) oplossingen te vinden voor jouw probleem. Het intrigerende is natuurlijk wel dat enerzijds er enorme zorgen zijn over de veiligheid en privacy van het digitale patienten dossier en anderzijds er overal platforms opduiken waarop patienten schijnbaar moeiteloos hun data delen.

Oké, stel dat we dat onze privacy kunnen waarborgen, dat het echt gaat om de Quantified Self (en niet de Quantified You!) en dat we een goede modus vinden rondom solidariteit. Dan is het zeker een goed idee?

Wordt succes echt een keuze?

Nou ja, of al dat meten echt een goed idee is, en of succes echt een keuze wordt, is nog maar de vraag. De bedoeling van zelf meten en verbeteren, is dat je leven verbeterd. Dat je gelukkiger wordt. Maar de vraag is of je eigenlijk wel gelukkig wordt van al dat gemeet zelf. Op Quantified Self staat een gedicht van uit 2010 (!!) van Alexandra Carmichael waarin ze enkele fundamentele vragen stelt. Zijn intuïtie en instinct niet veel belangrijker dan cijfers? Worden cijfers niet belangrijker dan het doel? Wordt je een datasexual, iemand die vooral zorgt dat zijn dataprofiel op orde is. Wordt het geen obsessie? Leidt het niet tot zelfhaat (weer een cijfer niet gehaald)? Word jij gelukkiger van elke dag op de weegschaal staan? En wat is het gevolg voor je omgeving?

Er zijn voldoende onderzoeken die aantonen dat je niet altijd gelukkig wordt van meer informatie. Sterker nog ons brein is niet zo snel geëvolueerd als de techniek. Information Overload kan dus ook leiden tot meer stress en meer informatie over een bepaald onderwerp betekent niet automatisch dat je er gelukkiger van wordt. Zie hier ook mijn blog over de buienradar (link volgt!).

Een oplossing die we al eerder kort bespraken is Personal Data Coach. Een beroep van de toekomst (tot het wordt geautomatiseerd). Dat is iemand die kijkt naar jouw data, die allerlei verbanden legt en vervolgens precies verteld waar je dingen kunt verbeteren. Het voordeel van een Personal Data Coach is dat jij niet meer naar je data hoeft te kijken en allerlei conclusies hoeft te trekken, maar dat iemand met verstand van zaken dat voor je doet. Dat geeft rust.

Oké, dus met een Personal Data Coach is de Quantified Self een goed idee?

Bijna. De belangrijkste vraag is misschien wel of dankzij de Quantified Self succes echt een keuze wordt. Als je inzicht krijgt in elk aspect van je leven, als je alles kunt meten dan kun je er dus ook altijd voor kiezen om dingen te verbeteren. Je kunt straks je gedrag meten, je lichaam, preventieve scans ondergaan, pillen slikken die je lichaam controleren, je DNA aanpassen. Als je dan nog ziek wordt, ja, dan ben je echt een loser. Als je dan niet gelukkig wordt, tsja…

Dan is succes écht een keuze. Of niet? Ik denk van niet. Immers succes is vaak een Zero Sum Game. Zonder massa geen elite. Zonder losers geen winners. Als meer en meer mensen inzicht krijgen in hun eigen data, neemt de RatRace wellicht toe en zou het wel eens zo kunnen zijn dat succes behalen lastiger wordt. Daarnaast zal lang niet iedereen toegang hebben tot deze tools en data.

Quantified Self is sowieso een onderwerp vol ironie. Ik zet er een paar op een rij.
(1) Het idee van jezelf meten is dat je inzicht krijgt, waarop je kunt acteren, zodat je (een beetje) gelukkiger wordt. Maar wat als het meten zelf je ongelukkig(er) maakt?
(2) De Quantified Self, gaat om de versterking van de Zelf, maar stel dat je straks kortingen krijgt bij je verzekeraar als je lekker veel beweegt, dan betekent dat ook dat als je besluit om niet te meten, dat je per definitie géén korting krijgt of zelfs verdacht bent. Zelfbeschikking wordt dan uitgehold door de Quantified Self beweging;
(3) Het gaat om de Quantified Self, de unieke jou, maar de verzamelde (big) data zou wel eens kunnen leiden tot de versterking van de middelmaat als norm. Dus als iedereen zijn unieke zelf meet, gaat iedereen dan niet meer op elkaar lijken (zeg maar, net als onze winkelstraten)?
(4) Succes is geen objectief iets. Wat één voor succesvol is dat voor de ander niet. Dat betekent dus ook dat de lat voor ‘succes’ alleen maar hoger zou kunnen komen te liggen door de voortschrijdende technologie.

Samenvattend. Ook met de Quantified Self wordt succes niet automatisch een keuze. Wel bestaat het gevaar van de illusie van een keuze. Slaap je slecht? Je hebt toch alle data over je slaapgedrag? En je lost het niet op? Dan kies je er dus voor om slecht te slapen! De illusie van maakbaarheid kan een zeer negatief effect hebben op die mensen die het niet maken.

En dan nog een enge gedachte

Hierboven hebben we gesproken over de Quantified Self en de Quantified You. Máár er zit een loophole in de redenering. Er wordt namelijk vanuit gegaan dat je jezelf kent, dat er sprake is van een vrije wil én keuzes, maar er is steeds meer bewijs dat dat een problematisch uitgangspunt is. Psychologen als Daniel Kahneman laten zien hoe mensen verkeerde keuzes maken en hoe er een onderscheid is tussen een ervarende zelf en een verhalende zelf. Een heel verhaal, maar het komt er op neer dat mensen zichzelf niet goed kennen en ook geen vrije wil hebben. Ze kunnen wel kiezen uit verlangens, maar niet kiezen wat hun verlangens zijn. Wat nu als organisaties die data over je hebben meer inzicht in je krijgen dan je zelf hebt? Wat als die organisaties je beter kennen dan je zelf? Kunnen ze je dan ook manipuleren? Ik denk het wel.

Lees ook het boek van Harari (Homo Deus) over dit dystopische wereldbeeld.

Tegelijkertijd biedt de Quantified Self beweging ook veel positiefs, zeker waar het gaat om de Quantified Us. Als gelijke mensen samen hun data delen, kunnen ze wellicht samen ook problemen oplossen. Stel dat jij slecht slaapt op zondagavond, en je deelt je gegevens met andere mensen, zodat je samen met anderen een persoonlijke oplossing kunt vinden voor jouw probleem, dan is dat een geweldige ontwikkeling.

Misschien is de Quantified Self daar juist wel ideaal voor. Voor verbeteringen van een bepaald aspect van je leven, voor kleine verbeteringen die een grote impact kunnen hebben. Of oplossingen voor heel specifieke problemen. En minder voor grote issues als gezondheid en succes. Dat blijft toch een kwestie van dingen die gebeuren terwijl je het druk hebt met het maken van andere plannen.

Of misschien had Radiohead toch gelijk.

Laatste update: 31 augustus 2017

Wil je wat toevoegen, veranderen of anderszins opmerkingen plaatsen. Gebruik dan de reactiemogelijkheid hieronder.

cc Alleen CC voor de tekst, niet de links of plaatjes.

Geef een reactie